Opdracht 15, samenvattingsopdracht:
Als je boos bent kun je je boosheid op twee manieren
uiten: het eruit laten knallen of alles wegstoppen en doen alsof er niks aan de
hand is. Als je het laatste doet, wordt je boosheid langzaam steeds meer en
uiteindelijk komt alles eruit. In de opvoeding wordt kinderen niet geleerd hoe
ze een ruzie op een goede manier kunnen oplossen en er is geen plaats voor
emotionele uitbarstingen.
Één van de drie voorwaarden voor het uiten van boosheid
is uitpraten en respecteren. Dit versterkt de band in een relatie, omdat je
naar elkaars commentaar en problemen luistert en daar vervolgens rekening mee
kan houden. De tweede is een woordwisseling voorkomen en openstaan voor wat de
ander belangrijk vindt, hierdoor neemt het respect van de gene die boos is geworden
toe voor de ander. De laatste voorwaarde is kritiek geven, als je kritiek geeft
op de ander kan dat kwetsen maar dat wordt meestal goedgemaakt door de
leerzaamheid hiervan.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten